VKVisie
Tijdschrift van de Vrij-Katholieke Kerk in Nederland

Vorige Home Boven Volgende

Limburger Theo Werink op 8 november Priester

Opbouw van Altaar goede voorbereiding op de dienst

Door Pr. Joh. Pameijer:

Iedere zondag als er dienst is in Maastricht ontsluit Theo Werink (53 jaar) zo tegen half negen de kapel in de Heggenstraat en begint aan de opbouw van het altaar. Dit bijna twee uur durende ritueel verricht de aanstaande priester nu al meerdere jaren zonder morren. Zijn rondborstige tongval klinkt opgewekt als hij grinnikend zegt: "Als iemand mij dat vijf jaar geleden had voorspeld zou ik hem voor gek verklaard hebben. Maar ik voel het opbouwen en afbreken van het altaar in meerdere mate als een wezenlijk onderdeel van de eucharistie. Je bouwt die tempel vanuit jezelf op. Ik beschouw het als een goede voorbereiding op de dienst omdat de eenheid, die je dan oproept, er in werkelijkheid al is. Ik denk wel eens: het zou voor iedereen goed zijn om voordat de dienst begint het altaar op te bouwen en de straalkruizen op te hangen."

Theo Werink

Op zaterdag 8 november straalt in het Limburgse het licht van de priesterwijding. Dan klinkt de litanie over het hoofd van de man, die bijna een kwart eeuw geleden nog meende, dat 'Vrij' Katholiek een andere uitdrukking was voor 'Goed' katholiek. Theo Werink, zoon uit een echt Rooms gezin, zal dan 'ja' zeggen tegen het priesterschap in de Vrij Katholieke kerk. Drie en twintig jaar geleden maakte hij voor het eerst een dienst mee. Dat was in de toenmalige kapel in Spaubeek in de herenboerderij van Henk de Jonge, peetoom van zijn zoon. "In eerste instantie dacht ik dat het een slap aftreksel was van de Roomse kerk. Toen ben ik er niet echt op in gegaan, maar tien jaar later werd het serieuzer, toen de kapel tijdelijk in Nuth was ondergebracht.

Theo Werink was zijn leven lang een trouw bezoeker van de Roomse kerk geweest. Dat veranderde niet op slag. Op de zaterdagavonden zat hij in de banken van de Roomse kerk en luisterde naar preken, die bedenkingen bij hem opriepen. Zondagsmorgens kon je hem bij de Vrij Katholieke dienst vinden. "Ik at van twee walletjes, maar het was dezelfde Heer. Dat stelde me wel gerust."

Niet zelden bezocht de vrome Theo tussen die twee diensten op de vroege zondagmorgen ook nog een Belgisch bedevaartoord. Op een keer celebreerde daar de strenge bisschop Gijsen. Een paar uur later in de Maastrichtse VKK maakte hij een dienst met bisschop Draaisma mee. De vraag naar het verschil kan ik niet onderdrukken. Het antwoord komt zonder dralen. "De betrokkenheid in de VKK was opvallend. In de Roomse kerk ging het er veel afstandelijker aan toe. Het eenheidsgevoel werd niet bereikt. Bij ons wordt een priester opgeleid tussen het volk, in de RK boven het volk. Dat verschil voel ik duidelijk."

In het begin van de negentiger jaren treedt Theo Werink toe tot de dienst aan het altaar. "Het priesterschap heb ik zelfs nooit in mijn achterhoofd gehad. Als dat zo was geweest had Frank Kouwe, die e.a. was, het er wel uit gepraat. En terecht, vind ik nu. Ik zou hetzelfde zeggen. Over het priesterschap praat je niet, al is het je hartenwens. Pas heeft iemand bij mij naar de kerk geÔnformeerd. Zijn eerste vraag was: hoe lang duurt bij jullie de priesteropleiding. Als je echt in de kerk geÔnteresseerd bent vraag je, naar mijn idee, eerst naar andere dingen. De lengte van de priesteropleiding is niet eens in jaren uit te drukken. Daar groei je naartoe. Voor mezelf kan ik nu vaststellen, dat in mijn leven het geestelijke priesterschap een rol heeft gespeeld.

Ik heb altijd in de verpleging gewerkt en sta nu als ziekenhuishygiŽnist onder de directie. HygiŽne is het voorkomen van ziekte. Iemand is gezond als hij zich lichamelijk, psychisch en geestelijk wel bevindt. Wie dit niet heeft is ziek. Vroeger werkte ik dag en nacht voor weinig loon. Ik ervoer het werk als een soort roeping. Ik merkte dat behalve de lichamelijke verzorging van mensen ook het geestelijk contact belangrijk was. Dat kon ik 24 uur per dag opbrengen. Dat je dat deed was vanzelfsprekend. Net als in mijn alternatieve praktijk en in het werken in meditatiegroepen heb ik altijd geprobeerd vanuit de Christuskracht te werken. In die zin kun je zeggen dat ik ook zonder kerk priester kan zijn en een concreet christendom kan uitdragen.

Door mijn priesterwijding zal ik nog gerichter kunnen werken en mijn verantwoordelijkheid zal groter zijn dan voorheen. Dat is mij bewust geworden door mijn diakenwijding. Voor die tijd deed ik mijn werk met liefde, maar na de wijding groeide een enorme verantwoordelijkheid in mij. Naar je kerk en naar je bisschop zul je verantwoording moeten afleggen. Ik denk dat ik als priester mij ook moet kunnen verantwoorden naar anderen toe." Wat mijn eigen gemeente betreft ben ik optimistisch. Met onze kleine groep zijn we goed bezig iets neer te zetten. Op den duur zullen we zeker een eigen kapel krijgen. Maar forceren zullen we niet. Ik heb het gevoel dat de kerk in het zuiden zal groeien. Maar het aantal kerkbezoekers interesseert mij in feite minder dan de sfeer binnen de hechte gemeenschap. Met het eigen gebouw maken we geen haast. We nemen de tijd ervoor, maar blijven waakzaam op elke mogelijkheid die zich voordoet. Zonder aarzelen kan ik zeggen bereid te zijn nog jaren door te gaan met het opbouwen en afbreken van onze kapel.

Zoek op Deze site email VKVisie
Kerkgemeentes in Nederland

Home pages op Kingsgarden.org: English French Dutch